
Kanelbullar zijn waarschijnlijk de bekendste lekkernij van Scandinavië en dan met name van Zweden. De lekkernij is een echte allemansvriend en moet je gewoon een keer in eigen keuken bereid hebben. Het is even een werkje, maar dan heb je ook wat!
Kanelbullar
Wat heb je nodig?
150 g zachte boter
90 g suiker
1/2 tl zout
2 tl versgemalen kardemom
500 ml melk
50 g verse gist
840 g bloem
Voor de vulling:
175 g zachte boter
90 suiker
2 el kaneel
Voor de topping:
1 ei, licht opgeklopt
Parelsuiker
Mix de boter, suiker, het zout en de kardemom in een grote kom tot een glad mengsel. Verwarm de melk in een steelpannetje tot ongeveer 37°C (je moet het met je vingertoppen nog aan kunnen raken). Haal het pannetje zodra het de juiste temperatuur heeft van het vuur en voeg de gist toe. Roer tot de gist opgelost is. Voeg dan toe aan het botermengsel. Voeg beetje bij beetje de bloem toe, en kneed tot het deeg glad en elastisch is. Bedek de kom met een theedoek en laat een uur rusten.
Snijd het deeg wanneer het lang genoeg gerust heeft in twee stukken. Rol het eerste stuk deeg met een deegroller uit tot een lap van ongeveer 40×50 cm. Smeer hier de helft van de boter voor de vulling op en besprenkel met suiker en kaneel. Pak twee punten van het deeg en vouw naar binnen tot ongeveer driekwart. En vouw dan de andere twee punten van het deeg naar binnen, alsof je een brief vouwt. Je kunt nu nog een keer extra over het deeg rollen om het mooi plat te maken.
Verdeel de rol deeg in ongeveer 10 a 15 stukken (afhankelijk van de grootte van je deegrol). Snijd deze stukken vervolgens over de lengte in zonder ze volledig door te snijden (laat ongeveer 1 a 2 cm over aan de bovenzijde. Je maakt een soort broek). Draai de ‘broekspijpen aan iedere zijde en rol in een soort knot. Leg op een met bakpapier bekleedde ovenplaat. Herhaal tot al je deeg is gebruikt. Bedek de deegknotjes wederom met een theedoek en laat nog 30 minuten rijzen. Verwarm ondertussen de oven voor op 230 °C.
Bestrijk de deegknotjes met het ei, besprenkel met de parelsuiker en bak 8 tot 11 minuten (afhankelijk van de grootte van je deegknotjes). Laat even afkoelen en klaar zijn je kanelbullar.
Op het internet circuleren tal van recepten voor kanelbullar. Allemaal vergelijkbaar, maar toch net iets anders. Wij hebben als uitgangspunt dit en dit recept gebruikt. Maar je kunt het natuurlijk helemaal naar eigen smaak aanpassen (denk aan de hoeveelheid suiker, kaneel en kardemom).

Agnes - Fika Magazine
Hi! Ik ben de oprichtster van Fika Magazine. Dagelijks deel ik op dit online lifestylemagazine mijn liefde voor Scandinavië en hoop ik jullie te inspireren met al het moois dat uit het hoge noorden komt.Nieuwsbrief
Elke twee weken een leuke update?
4 suggesties bij “Kanelbullar: het klassieke recept”
Reageren niet mogelijk.